Jarenlang leek analoge fotografie langzaam te verdwijnen. (Vaak dure) filmrolletjes maakten plaats voor geheugenkaarten, donkere kamers werden vervangen door Adobe Lightroom en camera’s werden steeds sneller, slimmer en scherper.
Toch is er de afgelopen jaren iets opvallends gebeurd. Analoge fotografie is bezig aan een enorme comeback. Niet alleen onder professionele fotografen, maar ook onder gezinnen en liefhebbers die op zoek zijn naar beelden met meer karakter. Beelden waar de huid niet volledig glad is, kleuren niet overdreven verzadigd zijn en ieder shot iets unieks heeft. Er is geen scherm waarop direct gecontroleerd kan worden of de foto ‘gelukt’ is. Misschien is dat juist wel de aantrekkingskracht van film.
Ook digitaal is die invloed inmiddels overal zichtbaar. Korrel, zachtere contrasten en warme huidtinten zijn niet langer iets dat alleen op film voorkomt. Zelfs veel digitale fotografen proberen tegenwoordig die analoge uitstraling na te bootsen.
Maar hoe krijg je nu die tijdloze look?
Inhoud van dit artikel
1. Fotografeer langzamer
2. Kies de juiste filmrol
3. Kies een camera die bij je past
4. Leer bewust over- en onderbelichten
5. Kies een goed ontwikkellab
6. Conclusie
Fotografeer langzamer
Misschien wel het grootste verschil tussen digitaal en analoog fotograferen heeft niets met de camera te maken. Het zit volledig in de manier waarop er wordt gekeken.
Een filmrol bevat meestal 24 of 36 opnames. Iedere druk op de ontspanknop kost letterlijk geld. Daardoor wordt automatisch bewuster gewerkt. Er wordt nét iets langer gekeken naar het licht en de compositie. Juist die vertraging maakt analoge fotografie bijzonder.
Dat betekent overigens niet dat digitaal fotograferen minder goed is. Integendeel. Veel fotografen merken dat ze, zodra ze analoog gaan werken, ook digitaal veel bewuster beginnen te fotograferen.
Minder foto’s = meer aandacht.
Kies de juiste filmrol
Misschien wel de meestgestelde vraag onder analoge fotografen: “Welke film moet ik kopen?”
Daar bestaat geen goed of fout antwoord op. Iedere film heeft zijn eigen karakter.
Toch is er één film die bijna een standaard is geworden binnen portret- en trouwfotografie: Kodak Portra 400. Dat is niet zonder reden.
Portra 400 staat bekend om de prachtige huidtinten. Huid oogt zacht, natuurlijk en krijgt een bijna romige uitstraling zonder onnatuurlijk te worden. Daarnaast heeft de film een enorm dynamisch bereik. Hooglichten blijven verrassend lang behouden en schaduwen lopen mooi geleidelijk weg. Juist die combinatie maakt Portra zo geliefd voor fotografie van mensen.
Natuurlijk zijn er nog veel meer films:
- Kodak Gold 200 geeft warmere, nostalgische kleuren die direct doen denken aan vakantiefoto’s uit de jaren negentig.
- Fujifilm 400 zorgt juist voor iets koelere kleuren met groentinten.
- Ilford HP5 is een bekende keuze voor liefhebbers van zwart-witfotografie, met een klassieke korrelstructuur die veel karakter toevoegt.

Kies een camera die bij je past
Veel oudere analoge camera’s werken, na een professionele onderhoudsbeurt, nog verrassend goed. Een deel van mijn analoge foto’s wordt zelfs gemaakt met een camera die ooit van mijn oma is geweest. Na een grondige schoonmaak en een kleine reparatie functioneert deze nog altijd uitstekend.
Voor professioneel werk gebruik ik daarnaast een Canon 1V. Deze is refurbished aangeschaft via Ebay uit Japan, volledig nagekeken en geleverd met garantie.
Ook in Nederland zijn inmiddels steeds meer gespecialiseerde winkels te vinden die analoge camera’s reviseren en verkopen. Daardoor is beginnen met film tegenwoordig een stuk toegankelijker dan veel mensen denken.
Leer bewust over- en onderbelichten
Misschien wel het grootste verschil tussen digitaal en film zit in de manier waarop beide omgaan met licht. Bij digitale fotografie wordt vaak geprobeerd om de belichting zo exact mogelijk te krijgen. Film werkt net iets anders.
Veel kleurenfilms vinden het juist prettig om iets meer licht te krijgen. Daarom zie je regelmatig fotografen die Portra 400 bewust één stop overbelichten. Een ISO 400-film wordt dan bijvoorbeeld ingesteld alsof het ISO 200 is. De schaduwen worden zachter, de kleuren voller en de huid krijgt een bijna dromerige uitstraling. Onderbelichten kan natuurlijk ook. Dat levert vaak meer contrast, diepere schaduwen en een iets dramatischer beeld op.
Toch is voorzichtigheid hierbij belangrijk. Waar overbelichte kleurenfilm vaak nog veel detail behoudt, kan onderbelichting sneller zorgen voor korrel en verlies van kleurinformatie. Juist daarom is het verstandig om eerst één film goed te leren kennen.
Fotografeer meerdere rolletjes onder verschillende omstandigheden en experimenteer met een halve stop overbelichten. Daarna een hele stop. En vergelijk de resultaten.
Na verloop van tijd ontstaat vanzelf gevoel voor hoe een bepaalde film reageert op licht.
Kies een goed ontwikkellab
Een onderwerp waar verrassend weinig over wordt gesproken: het ontwikkellab.
Veel mensen denken dat ontwikkelen een standaardproces is waarbij ieder lab hetzelfde resultaat levert. Dat is niet zo. Net zoals twee fotografen dezelfde RAW-foto compleet anders kunnen nabewerken, kunnen twee labs dezelfde filmrol ook totaal verschillend scannen.
Het ene lab kiest voor warmere huidtinten, het andere voor meer contrast. Ook scherpte, korrel en witbalans verschillen vaak aanzienlijk.
Persoonlijk ontwikkel ik film meestal bij Carmencita Film Lab in Valencia of Mori Film Lab in Antwerpen. Mori is ideaal wanneer snelheid belangrijk is. Carmencita levert juist scans met enorm veel zorg en een professionele uitstraling, waardoor dit vaak de voorkeur heeft voor belangrijk werk.
Juist daarom loont het om verschillende labs uit te proberen. Wanneer je eenmaal een lab vindt dat aansluit bij jouw stijl, ontstaat er veel meer consistentie in je werk.


Conclusie
De populariteit van analoge fotografie laat zien dat fotografie uiteindelijk niet alleen draait om techniek. Natuurlijk zijn moderne camera’s indrukwekkend, maar uiteindelijk onthouden we geen megapixels. We onthouden een gevoel.
Waar fotografie jarenlang draaide om maximale scherpte en technische perfectie, groeit de waardering voor beelden met extra karakter. Een beetje korrel. Een kleine imperfectie. Warme huidtinten. Zachter licht.
Of er nu wordt gefotografeerd met een oude camera die al tientallen jaren meegaat of met de nieuwste systeemcamera: tijdloze fotografie begint niet bij de apparatuur. Ze begint bij aandacht, goed licht en de manier waarop naar een moment wordt gekeken.
Misschien is dat wel de grootste les die analoge fotografie ons opnieuw leert.

