Wie kijkt er niet naar uit om na een paar saaie, grijze wintermaanden weer de camera met macrolens uit de tas te halen om de eerste vroegbloeiers te fotograferen, de sneeuwklokjes! De eerste sneeuwklokjes verschijnen eind januari, begin februari en sneeuw of vorst houdt ze niet tegen om te bloeien. Als we de sneeuwklokjes zien bloeien dan weten we: de lente komt eraan!
Nederland kent een aantal bijzondere locaties die bekendstaan om hun prachtige parken, die volop in bloei staan in het (vroege) voorjaar. Een uitstekende plek om de prachtige sneeuwklokjes te fotograferen. Toch kan een locatie vlak bij huis méér bieden dan een bijzonder kasteelpark.
Inhoud van dit artikel:
1. Stinzenplant
2. Local patch
3. Tijd en rust om te experimenteren
4. Tot slot
Stinzenplant
Het gewone sneeuwklokje is een bolgewas uit de narcisfamilie en behoort tot de stinzenplanten. Stinzenplanten zijn vaak geïmporteerd voor tuinen van landgoederen en kastelen en zijn vervolgens door de jaren heen verwilderd, waardoor ze nu in grote aantallen voorkomen in de parken en bossen van kastelen en oude landgoederen.
Om sneeuwklokjes te fotograferen kunnen we een dagje naar deze prachtige kasteelparken gaan en ons daar onderdompelen in de grote hoeveelheid vroegbloeiers. Toch is het de moeite waard om op zoek te gaan naar een plek met sneeuwklokjes dicht bij huis. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een stads- of wijkpark, een bos in de buurt van een lokaal klooster of een oud landhuis. Een locatie dichtbij huis, een zogenaamde local patch, biedt namelijk veel fotografiemogelijkheden.
Local Patch
Omdat een locatie dicht bij huis snel te bereiken is, kun je deze plek vaker bezoeken en daardoor beter leren kennen. Je ontdekt waar bijvoorbeeld de zon opkomt en weer ondergaat, hoe de omgeving eruitziet en hoe je deze kunt betrekken als achtergrond in je foto’s. Ook zie je hoe het onderwerp eruitziet of reageert tijdens bepaalde weersomstandigheden.
Door je lokale plek regelmatig te bezoeken, vergroot je de kans om een mooie foto te maken. Valt het een keer tegen omdat de lichtomstandigheden niet optimaal zijn, dan kun je eenvoudig op een ander moment teruggaan. Heb je een mooie foto gemaakt? Dan heb je die alvast in the pocket.
Maar door steeds terug te keren naar dezelfde locatie ga je anders kijken, wat je creativiteit bevordert. Door te experimenteren ontwikkel je jezelf als fotograaf. Is het niet helemaal gelukt, dan ben je toch snel weer terug?
Tijd en rust om te experimenteren
Nog geen vijftien minuten van mijn woonhuis, aan de rand van een bos, bloeien ieder jaar weer vele sneeuwklokjes. Al verschillende jaren ga ik in februari naar deze locatie. Daardoor weet ik dat de sneeuwklokjes een groot gedeelte van de ochtend voornamelijk in de schaduw staan van een dichte rij bomen en struiken, behalve bij zonsopkomst! Dan verschijnt de zon schuin langs de rij bomen. Het voordeel van een local patch is dat ik er snel ben, ik hoef dus niet extra vroeg op te staan om tijdens zonsopkomst te fotograferen. Bovendien weet ik door ervaring vanuit welke positie ik de zonsopkomst het beste in beeld krijg, waardoor ik alleen nog hoef te zoeken naar het mooiste sneeuwklokje.
Om een zo laag mogelijke positie te hebben, ligt mijn camera op een rijstzak. Het grote voordeel van een rijstzak is dat de camera plat ligt, maar niet op de natte en modderige grond. Op de zak ligt de camera goed gestabiliseerd, waardoor ik makkelijker handmatig kan scherpstellen. Met een draadontspanner maak ik vervolgens de foto’s.
Tip: In de rijstzak zit overigens geen rijst maar corbo. Corbo is gemalen maiskern en wordt gebruikt als bodembedekking voor kooien van knaagdieren of vogels. Corbo is veel lichter dan rijst wat weer flink scheelt aan gewicht in de fototas of rugzak. Omdat er geen wind staat en de camera stabiel ligt, staat de ISO op 100 ingesteld en het diafragma op f/3.2. Alleen de sluitertijd varieert.
🕜 8:31 uur. De zon komt langzaam in beeld, de sneeuwklokjes zijn voor het eerste zonlicht geplaatst. Het is nog koud, door de koele witbalans wordt dit extra benadrukt.
Ik laat de camera liggen en blijf rustig afwachten wat de zon in de achtergrond gaat doen.
S: 1/400s

🕜 8:36 uur. De zon komt steeds verder boven de horizon uit en wordt krachtiger. De witbalans daglicht zorgt voor zachte kleuren.
S: 1/100s
🕜 8:42 uur. De zon staat nu recht achter de sneeuwklokjes. Door een snelle sluitertijd te kiezen, worden de sneeuwklokjes silhouetten. Een warme witbalans benadrukt de warme kleuren van de zon.
S: 1/3200s
🕜 9:02 uur. We zijn inmiddels twintig minuten verder. De camera is iets naar achteren en opzij verplaatst. De zon staat hoger en is in de tussentijd uit beeld geraakt. Het licht is veel feller geworden. Door een koele witbalans en een langere sluitertijd krijgt het beeld een totaal andere sfeer.
S: 1/1000s
🕜 9:15 uur. De zon belicht de omgeving van de sneeuwklokjes, waar verschillende struiken staan. Ik verplaats de camera en de rijstzak zodanig dat dit zachte licht in de achtergrond in beeld komt. De witbalans daglicht zorgt voor de zachte, warme gloed in het beeld.
S: 1/200s
Omdat ik de locatie goed kende, wist ik waar de zon opkwam en vanuit welke positie ik de camera het beste kon plaatsen. Door steeds dezelfde bloemetjes te gebruiken en niet op zoek te gaan naar andere, nam ik de tijd en rust om te experimenteren met verschillende sluitertijden en witbalansen. Dit zorgde voor diverse beelden met verschillende sferen.

Macrofotografie met windkracht 2 zorgt vaak al voor uitdagingen. Bloemetjes op dunne stelen dansen dan al snel voor de macrolens, waardoor het krijgen van scherpe foto’s een hele klus wordt. Mijn macrolens blijft meestal in de tas bij windkracht 3, behalve als het februari is en de wind uit het zuiden komt! De bomen en struiken bij mijn local patch van de sneeuwklokjes houden de wind uit het zuiden tegen, zodat ik rustig deze vroegbloeiers kan fotograferen bij windkracht 3. Een handig weetje, toch?
Tot slot
Natuurlijk is het heerlijk genieten tussen de vele, kleurrijke vroegbloeiers in kasteelparken, maar meestal is het daar ook erg druk. Des te meer reden om gebruik te maken van een local patch. Misschien ben je daar zelfs alleen en kun je ongestoord fotograferen en experimenteren.
Dat geldt niet alleen voor stinzenplanten maar ook voor wildlife-, vogel- en landschapsfotografie. Leer je eigen locatie goed kennen. Ontdek welke planten en dieren in jouw omgeving bloeien of leven. Onderzoek waar de zon opkomt en waar hij weer ondergaat, en ondervindt hoe de locatie eruitziet onder verschillende weersomstandigheden. Omdat het dichtbij is, kun je eenvoudig teruggaan als het niet gelukt is. Zo kun je blijven oefenen en jezelf blijven ontwikkelen.
Voor het maken van mooie en creatieve foto’s hoef je niet naar de mooiste, bekendste of meest populaire locaties te gaan. Op een plek die jij goed kent, kun je unieke foto’s maken die alleen jij kunt maken!

